Oncolytisch HSV-1 G207 immunovirotherapie voor pediatrisch hooggradig glioom

juni 2021 Wetenschap Jolien Blokken

Editor’s pick van dr. Dennis Buis, neurochirurg, Amsterdam UMC

Aangezien de overlevingskansen voor pediatrische patiënten met terugkerend of progressief hooggradig glioom erg laag blijven, is er een grote behoefte aan nieuwe behandelopties. Een fase I studie met genetisch gemodificeerd oncolytisch herpes simplex virus type 1 (HSV-1) G207, alleen en in combinatie met radiotherapie, toont nu een acceptabel bijwerkingenprofiel met bewezen effectiviteit in deze populatie aan.

Kwaadaardig hooggradig glioom is goed voor 8-10% van de pediatrische hersentumoren en is regelmatig fataal. In de afgelopen 30 jaar zijn de overlevingskansen niet verbeterd, waarbij de 3-jarige event-vrije overleving tussen de 11 en 22% is bij patiënten met nieuw gediagnosticeerde tumoren die behandeld worden met standaard radiotherapie en chemotherapie. Wanneer er sprake is van een recidief is de mediane levensverwachting voor deze patiënten slechts 5,6 maanden. Het genetisch gemodificeerd oncolytisch herpes simplex virus type 1 (HSV-1) G207 heeft het potentieel om veel behandelingsuitdagingen te overwinnen die worden veroorzaakt door hooggradig pediatrisch glioom.

G207-infusie

De niet-gerandomiseerde fase I studie met G207 heeft een 3+3 opzet met vier behandelarmen (zie schema), met in elke arm kinderen en adolescenten met biopsie-bevestigd terugkerende of progressieve supratentoriale hersentumoren. Patiënten ondergingen de stereotactische plaatsing van drie of vier intratumorale katheters. De volgende dag ontvingen ze G207 (107 of 108 ‘plaque-forming units’) via infusie over een periode van zes uur. Cohort 3 en 4 van de studie werden daarnaast binnen 24 uur ook nog behandeld met radiotherapie. In totaal ontvingen twaalf patiënten van 7-18 jaar (6 meisjes en 6 jongens) met hooggradig glioom een behandeling met G207. Tien tumoren waren groot, met een bi-perpendiculare som van 5,5 cm of meer bij screening. Drie tumoren waren multifocaal en eentje had leptomeningeale uitbreiding. De meeste patiënten waren sterk voorbehandeld. Beeldvorming door magnetische resonantie (MRI) werd uitgevoerd bij screening, op dag 3 en tijdens poliklinische controles startend vanaf dag 28.

Geen dosis-limiterende toxische effecten of ernstige bijwerkingen konden worden toegewezen aan G207. Twintig eerstegraads bijwerkingen, geobserveerd in 11 van de 12 patiënten, hielden daarentegen mogelijk wel verband met G207. Geen virusuitscheiding kon worden gedetecteerd. Een radiografische, neuropathologische of klinische respons werd gedetecteerd in 11 patiënten. De mediane algehele overleving was 12,2 maanden (95%-BI: 8,0-16,4). Achttien maanden na de behandeling met G207 waren 4 van de 11 patiënten nog steeds in leven. Stabiele ziekte werd gedetecteerd in 7 van de 12 patiënten (58%) na 1 maand, in 4 van de 11 patiënten (36%) na 3 maanden, in 3 van de 11 patiënten (27%) na vijf maanden en in 2 van de 11 patiënten (18%) na 12 maanden. Daarnaast resulteerde G207 ook in een sterke toename van tumor-infiltrerende lymfocyten.

Conclusie

Intratumoraal G207 alleen en in combinatie met radiotherapie heeft een acceptabel bijwerkingenprofiel met bewezen effectiviteit in patiënten met terugkerend of progressief pediatrisch hooggradig glioom.

Referentie

Friedman GK, et al. Oncolytic HSV-1 G207 Immunovirotherapy for Pediatric High-Grade Gliomas. N Engl J Med. 2021;384:1613-22.

X