Late responders met CGRP-remming bij migraine

juni 2022 EAN 2022 Van de redactie
Cinzia Aurilia

In Nederland is het advies om bij migrainepatiënten die na 3 maanden behandeling met monoklonale antilichamen tegen CGRP geen respons hebben vertoond, te overwegen de behandeling te staken. Een deel van deze patiënten vertoont echter pas in een latere fase een respons op de behandeling. Een Italiaanse onderzoeksgroep brengt deze late responders in kaart in de I-NEED-studie. Cinzia Aurilia (IRCCS San Raffaele Roma, Italië) presenteerde interim-resultaten tijdens EAN 2022.

De monoklonale antilichamen (MAbs) gericht tegen de CGRP-receptor of de CGRP-ligand worden sinds enkele jaren toegepast als profylactische behandeling van chronische migraine. Waar de startcriteria vrij eenduidig zijn, is dat minder duidelijk bij de stopcriteria voor deze middelen. Over het algemeen worden de MAbs gekenmerkt door een snelle werkzaamheid, waarbij het resultaat in de eerste maand reeds zichtbaar is. Er is echter een groep patiënten die pas op een later moment een respons vertoont. Het doel van de onderzoekers in deze studie was het in kaart brengen van late responsen in een ‘real world’-setting.

Studieopzet

Data in de I-NEED-studie werd prospectief verzameld met behulp van het Italiaanse migraineregister I-GRAINE. De interim-resultaten van deze observationele studie kenden een inclusie van 912 volwassen patiënten met hoogfrequente episodische migraine (≥ 8 dagen/maand; n=222) of chronische migraine (n=690), die tot 48 weken werden behandeld met anti-CGRP MAbs in 16 hoofdpijncentra. Van deze populatie ontvingen 789 patiënten erenumab, 65 fremanezumab en 58 galcanezumab. Deelnemers van de studie werden ook persoonlijk geïnterviewd aan de hand van een semigestructureerde vragenlijst. Het primaire eindpunt van de studie was late respons, waarbij een ≥ 50% reductie van het aantal migrainedagen werd bereikt na meer dan 12 weken.

Resultaten

In deze studie bereikten 560 patiënten (61,4%) een respons in de eerste 12 weken na aanvang van de anti-CGRP-behandeling. Nog eens 128 patiënten (14%) meer bereikten een respons later dan 12 weken na aanvang. Deze populatie vertoonde een respons van minimaal 50% na mediaan 20 weken. Tabel 1 laat de percentages zien voor de verschillende middelen.

Aantal (n)Responders
<12 weken
(%)
Responders
12 tot 48 weken
(%)
Non-responders
(%)
Erenumab78958,914,426,7
Fremanezumab6578,57,613,9
Galcanezumab5875,915,58,6
Tabel 1: Verdeling responders, late responders en non-responders bij behandelilng met anti-CGRP MAbs.

Vervolgens keken de onderzoekers naar de kenmerken van de responders, late responders en non-responders. Bij responders (vroeg en laat) is in vergelijking met non-responders sprake van meer unilaterale pijn al of niet in combinatie met unilaterale craniële autonome symptomen en/of allodynie.

Conclusie

De onderzoekers laten in deze prospectieve, observationele studie zien dat van de patiënten die na 3 maanden nog geen 50% respons vertonen, ruim een derde in de maanden erna alsnog deze drempel bereikt. Dit pleit voor het hanteren van een evaluatieperiode van 6 maanden.

Referentie

Aurilia C, Egeo G, Fiorentini G, et al. Late response to anti-CGRP (calcitonin gene-related peptide) monoclonal antibodies: implication for clinical practice. Gepresenteerd tijdens EAN 2022; abstract OPR-050.

X