Antilichaam donanemab vertraagt cognitieve en functionele achteruitgang bij vroege alzheimer

april 2022 Farmanieuws Marjolein Groot

Een nieuwe fase II-studie, onlangs gepubliceerd in the New England Journal of Medicine, demonstreerde effectiviteit van het antilichaam donanemab bij patiënten met vroege alzheimer. Het primaire eindpunt werd gehaald: patiënten gingen cognitief en functioneel significant minder achteruit over een periode van 1,5 jaar ten opzichte van placebo. Wel werden gemengde resultaten gezien bij de secundaire eindpunten.

Alzheimer wordt gekarakteriseerd door een abnormale accumulatie van het amyloïd-β (Aβ)-eiwit. Dit Aβ-eiwit is in het brein belangrijk voor geheugen en cognitie.1 Uit eerder onderzoek is gebleken dat toxische prefibrillaire vormen van het Aβ-eiwit het meest schadelijk zijn voor neuronale cellen. Donanemab is een antilichaam dat zich richt op een N-terminal pyroglutamaat Aβ-epitoop die alleen aanwezig is in plaques. In een nieuwe fase II-studie werd donanemab onderzocht als behandeling van vroege alzheimer.2

In de studie werden mensen van 60-85 jaar geïncludeerd met vroege, symptomatische alzheimer waarbij op een PET-scan werd gezien dat zij Tau- en amyloïd-plaques vertoonden. De participanten werden 1:1 gerandomiseerd naar intraveneuze behandeling met donanemab (eerste 3 doses 700 mg en daarna 1.400 mg) of placebo, eenmaal per 4 weken voor maximaal 72 weken. Het primaire eindpunt van de studie was de verandering van de score op de ‘Integrated Alzheimer’s Disease Rating Scale’ (iADRS; score 0-144, waarbij een lagere score een grotere cognitieve en functionele beperking indiceert) tussen aanvang van de studie en week 76.

Behandeling met donanemab

Totaal werden 257 patiënten geïncludeerd in de studie, waarvan er 131 donanemab ontvingen en 126 placebo. De iADRS-baselinescore was bij de deelnemers in beide armen 106. Bij patiënten die donanemab ontvingen was een significant kleinere afname zichtbaar in de iADRS-score ten opzichte van placebo; respectievelijk -6,86 versus -10,06 (verschil: 3,2; p=0,04). Dit betekent dat alzheimerpatiënten die de antilichaambehandeling ontvingen cognitief en functioneel minder achteruitgingen in de 1,5 jaar dat zij gevolgd werden (zie Figuur 1).

FIGUUR 1. Het verschil in de iADRS-score over tijd bij alzheimerpatiënten die werden behandeld met donanemab of placebo. Hierbij representeert een lagere score een grotere cognitieve en functionele beperking. Bron: Mintun et al.

De secundaire uitkomstmaten lieten ook verbeteringen zien; de reductie in zowel de amyloïdplaqueniveaus als Tau-aanwezigheid was groter met donanemab ten opzichte van placebo. Bij een aantal andere secundaire uitkomstmaten werd geen verschil gezien, zoals de dementiescore en activiteiten van het dagelijks leven. Wel werden amyloïd-gerelateerde cerebrale oedeem en effusies gezien (voornamelijk asymptomatisch) bij de behandeling met donanemab.

Conclusie

In deze fase II-studie met mensen met vroege, symptomatische alzheimer werd aangetoond dat donanemab-behandeling leidt tot een kleinere afname in de iADRS-score, ten opzichte van placebo. Dit illustreert een lagere ziekteprogressie bij deze behandeling over de 1,5 jaar dat zij werden gevolgd. Tevens namen amyloïdplaqueniveaus en Tau-aanwezigheid af. Een langere studie met grotere patiëntenaantallen is benodigd om de effectiviteit en het bijwerkingenprofiel van donanemab verder te bestuderen voor deze kan worden ingezet in de praktijk.

Referenties

  1. Chen G, Xu T, Yan Y, et al. Amyloid beta: structure, biology and structure-based therapeutic development. Nature Acta Pharmacologica Sinica 2017;38:1205-35.
  2. Mintun MA, Lo AC, Evans CD, et al. Donanemab in Early Alzheimer’s Disease. New England Journal of Medicine 2021;384:1691-1704.
X