Effect staken natalizumab-behandeling nader onderzocht bij zwangere MS-patiënten

februari 2022 Kliniek in Praktijk Marjolein Groot

De wetenschap is nog niet eenduidig over het effect van het staken van natalizumabbehandeling voorafgaand aan een zwangerschap of in het 1e trimester van een zwangere MS-patiënt.1 Dr. Kerstin Hellwig et al. trachtte daarom in een groter cohort te valideren of deze behandelingsdiscontinuatie mogelijk tot een hogere relapsfrequentie of relapsgerelateerde invaliditeit zou leiden.

Eerder is gezien dat zwangerschap als natuurlijke bescherming kan dienen voor MS-patiënten en dan geassocieerd is met een lager relapsrisico tijdens het derde trimester.2,3 Andere kleine studies zagen echter een hoger relaps- en ziekte-invaliditeitsrisico tijdens de zwangerschap en postpartum bij vrouwen die voorafgaande aan de zwangerschap natalizumab gebruikten.4,5

De studie gebruikte gegevens uit het Duitse MS- en zwangerschapsregister van MS-patiënten die de behandeling met natalizumab staakten tussen 84 dagen ná en twee jaar voor de laatste menstruatie, minstens 22 weken deze behandeling hadden ontvangen en geen tweedelijns overbruggingstherapie waren ondergaan. Deelnemers werden vrijwillig opgenomen in het register tussen 2006 en 2018. Het aantal relapsen en de uitgebreide invaliditeitsstatusschaalscore (‘expanded disability status scale’, EDSS) werden uit de medische dossiers gehaald. Hierbij werden de EDSS-scores voorafgaande aan de zwangerschap, tijdens het laatste trimester en 12 maanden postpartum bepaald.

Meeste zwangere MS-patiënten maken relaps door

Totaal werden 255 vrouwen geanalyseerd met in totaal 274 zwangerschappen. De vrouwen waren gemiddeld 31 jaar oud ten tijde van de start van de zwangerschap. De patiënten staakten de behandeling met natalizumab vooraf aan de zwangerschap (n=85; gemiddeld 14,3 weken voor de laatste menstruatie) of in het eerste trimester (n=189). In 183 (66,8%) van deze zwangerschappen of post-partumperiodes werd een relaps gerapporteerd, in 44 zwangerschappen (16,1%) een ernstige relaps en in 3 gevallen een potentieel levensbedreigende relaps. De meeste relapsen werden tijdens het tweede trimester van de zwangerschap gezien of in de eerste drie maanden postpartum.

In het eerste jaar na de bevalling werd significante relapsgerelateerde ziekteinvaliditeit gezien bij 29 zwangerschappen (10,6%). De meeste invaliditeitsverslechtering werd veroorzaakt door ernstige relapsen tijdens zwangerschap of postpartum. Bij 8 zwangerschappen werd een verslechtering in EDSS gezien op 12 maanden postpartum vergeleken met vooraf aan de zwangerschap. Voor 175 zwangerschappen bleef de MS-gerelateerde EDSS onveranderd tijdens de zwangerschap en het eerste jaar postpartum. Bij patiënten die natalizumab staakten vooraf aan de zwangerschap werd geen associatie met relapsrisico gezien (oddsratio [OR]: 0,58; 95%-BI: 0,24-1,39; p=0,20). Bij patiënten die de natalizumabbehandeling tijdens hun eerste trimester staakten werd een lager risico op ernstige relapsen gezien (OR [95%-BI]: 0,35 [0,15-0,82]; p=0,02). Een associatie met EDSS werd hierbij niet gezien.

Herstarten natalizumab verlaagt relapsrisico jaar postpartum

Binnen dit onderzoek was zwangerschap niet onafhankelijk geassocieerd met een verlaagd relapsrisico (HR [95%-BI]: 0,90 [0,64-1,27]). Daarnaast werd ook geen verlaagd relapsrisico in de 6 maanden postpartum gezien bij vrouwen die alleen borstvoeding gaven (aangepaste HR [95%-BI]: 1,34 [0,86-2,10]) of binnen 4 weken de behandeling met natalizumab herstarten (aangepaste HR [95%-BI]: 1,06 [0,48-2,36]). Wel was het relapspercentage in de 12 maanden na de bevalling lager wanneer de behandeling met natalizumab binnen 4 weken postpartum werd herstart (HR: 0,49 [0,28-0,86]).

Conclusie

In dit onderzoek werd gezien dat meer dan 10% van de MS-patiënten significante ziekteverslechtering ontwikkelde in het eerste jaar postpartum wanneer zij de behandeling met natalizumab waren gestaakt vooraf aan of in het eerste trimester van de zwangerschap. Borstvoeding geven of de zwangerschap zelf waren hierbij geen beschermende factoren voor het ontwikkelen van een relaps. Bij vrouwen die binnen vier weken postpartum de behandeling met natalizumab herstarten werd een lagere relapsfrequentie in het eerste jaar postpartum gezien in vergelijking met vrouwen die dit niet deden. Bij de meeste vrouwen die natalizumabbehandeling discontinueerden werd geen verandering in EDSS gezien. De onderzoekers adviseren in verdere studies de uitkomsten te onderzoeken van MS-patiënten met een zwangerschapwens, om zo de behandeling zo goed mogelijk aan te passen.

Referenties

  1. Hellwig K, Tokic M, Thiel S, et al. Multiple Sclerosis Disease Activity and Disability Following Discontinuation of Natalizumab for Pregnancy. JAMA Network Open 2022;5:e2144750.  
  2. Vukusic  S, Hutchinson  M, Hours  M,  et al; Pregnancy In Multiple Sclerosis Group.  Pregnancy and multiple sclerosis (the PRIMS study): clinical predictors of post-partum relapse. Brain 2004;127:1353-60.
  3. Hellwig  K.  Pregnancy in multiple sclerosis.  European Neurology 2014;72(suppl 1):39-42.
  4. Alroughani  R, Alowayesh  MS, Ahmed  SF, Behbehani  R, Al-Hashel  J.  Relapse occurrence in women with multiple sclerosis during pregnancy in the new treatment era.  Neurology. 2018;90:e840-6.
  5. Yeh  WZ, Widyastuti  PA, Van der Walt  A,  et al; MSBase Study Group.  Natalizumab, fingolimod and dimethyl fumarate use and pregnancy-related relapse and disability in women with multiple sclerosis. Neurology 2021;96:e2989-e3002.
X