NEUROCHIRURGIE

Intracraniële arterioveneuze malformaties tijdens zwangerschap

TNN - 2021, nummer 8, december 2021

dr. mr. D.R. Buis , dr. E. van Leeuwen , drs. E.S. Mandl , drs. H.M.P. Pelikan , dr. K.M. Slot , dr. L. Koers , dr. M. Engelen , drs. M.B. Lequin , dr. R. van den Berg , prof. dr. S. De Vleeschouwer , prof. dr. W.P. Vandertop

SAMENVATTING

Zwangerschapswens bij een aangetoonde, niet-geruptureerde, intracraniële arterioveneuze malformatie (AVM) is op zichzelf niet een reden om het AVM te behandelen. De medische behandeling van een niet-geruptureerd AVM bij zwangere vrouwen bestaat vooral uit strikte controle van de bloeddruk en behandeling van insulten. Hoewel het risico op een bloeding tijdens de zwangerschap vrij klein is (2,65% per zwangerschap), is dit bij een zwangere vrouw wel iets verhoogd ten opzichte van een bloedingsrisico van circa 1,1% per jaar bij een niet-zwangere vrouw. Omdat er tijdens de partus geen verhoogd risico lijkt te zijn, kan het besluit tot een spontane bevalling of een sectio worden genomen op alleen obstetrische overwegingen. Zowel spinale als epidurale anesthesie is een veilige optie bij niet-geruptureerde AVM’s. Een besluit om met spoed neurochirurgisch in te grijpen is gebaseerd op algemene neurochirurgische principes, en wijkt niet af van de overwegingen buiten de zwangerschap.

Wanneer de diagnose AVM voor het eerst wordt gesteld als de vrouw al zwanger is, is dat bijna altijd naar aanleiding van een intracerebrale bloeding. Een CT-angiografie is dan het aangewezen onderzoek om een eventuele oorzaak van de bloeding, zoals een intranidaal aneurysma, aan te tonen. Na een bloeding is de behandeling gericht op het voorkomen van verdere neurologische achteruitgang van de zwangere vrouw, en wordt de behandeling geïndividualiseerd op basis van het klinisch beeld van de zwangere vrouw en de eigenschappen van het AVM, waarbij in het algemeen wordt gestreefd om de zwangerschap te voldragen.

(TIJDSCHR NEUROL NEUROCHIR 2021;122(8):368–76)

Lees verder

Kunnen beginnende vasculair neurochirurgen bekwaam worden in de microchirurgische behandeling van intracraniële aneurysmata in het huidige endovasculaire tijdperk?

TNN - jaargang 122, nummer 7, november 2021

prof. dr. C.J.J. Avezaat , prof. dr. C.M.F. Dirven , drs. E.H.P. van Putten , drs. E.J. Delwel , drs. H.W.C. Bijvoet , I.S.C. Verploegh MSc, J.C. Vos BSc, drs. J.W. Schouten , dr. R. Dammers , dr. V. Volovici

SAMENVATTING

Sinds de publicatie van de ‘international subarachnoid aneurysm trial’ in 2002 is er een verschuiving geweest in de behandeling van intracraniële aneurysmata van voornamelijk microchirurgische clipreconstructie naar meer endovasculair behandelen. Het is onduidelijk wat de effecten hiervan zijn voor beginnende vasculair neurochirurgen en of zij nog in staat zijn om het niveau van ervaren vasculair neurochirurgen te evenaren. In deze deels prospectieve studie zijn de klinische uitkomsten van patiënten die behandeld zijn door beginnende (n=3) en senior vasculair neurochirurgen (n=5) vergeleken. Uit de analyse van 609 patiënten met 767 aneurysmata bleek dat beginnende vasculair neurochirurgen vaker complexere aneurysmata behandelden dan hun senior collega’s (p<0,001). Overige resultaten zijn echter vergelijkbaar in beide groepen neurochirurgen. Hieruit concluderen wij dat ondanks de nieuwe uitdagingen jonge vasculair neurochirurgen minstens even goede resultaten kunnen behalen als senior vasculair neurochirurgen in de setting van een hoog-volume neurovasculair centrum.

(TIJDSCHR NEUROL NEUROCHIR 2021;122(7):305–13)

Lees verder

Klapvoet door nervus peroneus-‘entrapment’: een conservatieve aanpak of heelkundige decompressie?

TNN - jaargang 122, nummer 6, oktober 2021

dr. C. Oosterbos , dr. F. Weyns , dr. J. Ceuppens , dr. J. Groen , prof. dr. J. van Loon , prof. dr. R. Lemmens , dr. S. Rummens , dr. T. Decramer , prof. dr. T. Theys

SAMENVATTING

Nervus peroneus-‘entrapment’ is een veelvoorkomende oorzaak van een klapvoet. De specifieke anatomie van de zenuw maakt deze erg gevoelig voor compressie ter hoogte van de fibulakop. De diagnose wordt gesteld op basis van klinisch onderzoek, elektrofysiologie en beeldvorming. De etiologie van peroneus-neuropathie is erg uiteenlopend en omvat neuropathieën ten gevolge van (extreem) gewichtsverlies, idiopathische en traumatische neuropathieën, neuropathieën ten gevolge van compressie door cysten en tumoren, knielen, bracing, gips en habitueel kruisen van de benen, alsook iatrogene en metabole neuropathieën. In dit artikel wordt een overzicht geboden van peroneus-neuropathie, met een vergelijking van de resultaten van chirurgische en conservatieve behandeling voor nervus peroneus-‘entrapment’.

(TIJDSCHR NEUROL NEUROCHIR 2021;122(6):251-9)

Lees verder

Neurochirurgie en het medisch tuchtrecht: een analyse van 10 jaar tuchtrechtelijke uitspraken in Nederland

TNN - jaargang 122, nummer 5, september 2021

dr. mr. D.R. Buis , mr. J.K.H. Spoor , dr. mr. M.L.D. Broekman , mr. Q.J.M.A. Amelink , W.J. Dronkers BSc

SAMENVATTING

Neurochirurgie wordt van oudsher beschouwd als een hoog-risicospecialisme, waarbij sommige neurochirurgen tijdens hun carrière te maken krijgen met klachten. Tuchtklachten die in de periode 2009 tot en met 2019 zijn ingediend tegen neurochirurgen in Nederland en ter zitting zijn behandeld zijn voor dit artikel geanalyseerd. In totaal zijn in deze periode 57 zaken aanhangig gemaakt (40 zaken in eerste aanleg, 17 in hoger beroep). De meeste klachten hadden betrekking op wervelkolomchirurgie, gevolgd door craniële neurochirurgie, periferezenuwchirurgie, en kinderneurochirurgie. Klachten hadden vooral betrekking op pre- en perioperatieve zorg. In eerste aanleg werden klachten in 70% ongegrond verklaard. Maatregelen die werden opgelegd waren waarschuwingen en berispingen. Geconcludeerd kan worden dat het risico op een tuchtklacht voor de individuele neurochirurg laag, maar niet verwaarloosbaar is. Het relatief grote aantal tuchtklachten dat betrekking heeft op het delen van informatie suggereert dat er specifieke verbeteringen kunnen worden aangebracht, gericht op communicatie, om het risico op toekomstige rechtszaken te verlagen.

(TIJDSCHR NEUROL NEUROCHIR 2021;122(5):197-204)

Lees verder

De DREZ-operatie: een laatste optie voor patiënten met plexus-brachialisavulsiepijn?

TNN - jaargang 122, nummer 4, juni 2021

dr. D.J.H.A. Henssen , dr. E. Kurt , drs. H. Moser , dr. J. Doorduin , R.K. Noordhof BSc, drs. S. Vinke

SAMENVATTING

Bij een plexus-brachialisavulsie (PBA) is sprake van een avulsie van 1 of meerdere plexuswortels uit het ruggenmerg. Naast neurologische uitvalsverschijnselen kan dit leiden tot pijn in de aangedane arm. Met name de plotse pijnscheuten hebben grote invloed op de kwaliteit van leven van patiënten. Een van de behandelmogelijkheden is selectief laesies aanbrengen in de ‘dorsal root entry zone’. In de periode 2016–2020 hebben 14 patiënten in het Radboudumc in Nijmegen een DREZ-operatie ondergaan vanwege therapieresistente, chronische PBA-pijn. In dit artikel worden de resultaten bij deze 14 patiënten gepresenteerd en toegelicht aan de hand van de literatuur.

(TIJDSCHR NEUROL NEUROCHIR 2021;122(4):146-54)

Lees verder

Gynaecologische instrumenten voor de neurochirurgie: gebruik van de vacuümcup bij een pingpong-fractuur

TNN - jaargang 122, nummer 2, maart 2021

dr. mr. D.R. Buis , drs. H. Arnts , dr. K.M. Slot , drs. N. Denneman , dr. R. van de Vrie , dr. R.C. Painter , prof. dr. W.P. Vandertop

SAMENVATTING

Een gesloten impressiefractuur van de schedel bij een zuigeling, ook wel pingpong-fractuur genoemd, is een zeldzame diagnose. Vaak ontstaan deze fracturen rondom de bevalling, bijvoorbeeld als gevolg van een kunstverlossing of doordat een hand of voet van de neonaat tijdens de bevalling compressie geeft op de eigen schedel. In zeldzame gevallen zijn de fracturen het gevolg van stomp hoofdletsel. De behandeling van een gesloten impressiefractuur van de schedel is afhankelijk van de ernst van de indeuking en aanwezigheid van intracraniële afwijkingen. In dit artikel wordt een zuigeling van drie weken oud beschreven met een pingpong-fractuur na een hoofdtrauma. Het meisje werd succesvol, zonder complicaties behandeld met een vacuümcup. Deze non-invasieve behandeling is een elegante methode voor cosmetische reconstructie van de schedel. Aan de hand van deze casus en ondersteunende literatuur adviseren wij om bij zuigelingen met een cosmetisch storende impressiefractuur van de schedel zonder intracraniële afwijkingen deze vacuümmethode te overwegen.

(TIJDSCHR NEUROL NEUROCHIR 2021;122(2):58-61)

Lees verder

Hypertoon zout versus mannitol bij ernstig traumatisch hersenletsel

TNN - jaargang 122, nummer 1, februari 2021

prof. dr. B. Depreitere , F. Poncelet , prof. dr. G. Meyfroidt , S. Dietvorst

SAMENVATTING

Hyperosmolaire oplossingen worden al lang gebruikt om de intracraniële druk te doen dalen bij ernstig traumatisch hersenletsel. Er zijn verschillende oplossingen in gebruik, waarvan mannitol en hypertoon zout de belangrijkste zijn. Zowel mannitol als hypertoon zout is bewezen effectief om de intracraniële druk te verlagen. Hoewel er een debat woedt over eventuele voordelen van het ene product ten opzichte van het andere, ontbreekt bewijs dat de uitkomsten op langere termijn verschillen. De beschikbare literatuur is beperkt door kleine patiëntengroepen, verschil in opzet van de studies en verschillende concentraties en combinaties van oplossingen, waardoor deze studies moeilijk kunnen worden vergeleken.

(TIJDSCHR NEUROL NEUROCHIR 2021;122(1):11-5)

Lees verder
X